De aankoop

Author: maarten
17/12/2008

Het trof dat rond de tijd dat we de beslissing namen om de Lagonda als ‘designated vehicle’ aan te wijzen de Goodwood Revival plaats vond. In principe waren de voorbereidingen voor de deelname nog ‘sub rosa’, en de omweg via Noord Engeland kon onder het mom van de Revival en de tunnelbrand eerder die maand prima worden verklaard. Mocht de Lagonda dan toch tegenvallen dan was er tenminste nog niets beloofd of beweerd…

De week voor de Revival was er een afspraak gemaakt om maandag rond het middaguur bij I&J Macdonalds Racing bij de Howden Bank Works de auto te bezichtigen. Vanaf Goodwood is dat zo’n 330 mijl rijden zijn; weinig in het licht van de afstanden die er in 2010 per dag moeten worden gereden (de Lagonda moet op 1 tank 350 mijl kunnen rijden), maar veel als die mijlen in de ochtendspits op de M25 en M1 moeten worden afgelegd. Dus vertrok ik nog voordat de laatste race was verreden. Helaas bleken meer mensen niet geinteresseerd in de laatste race waardoor de rit tot de M1 alsnog de hele zondagavond in beslag nam. De volgende ochtend viel het weer tegen, maar de drukte mee, waardoor ik precies op tijd het terrein van I&J Macdonald’s Howden Works op reed.

De ontvangst was hartelijk. Ik werd door John meegenomen naar Liz en aangekondigd als “Well Liz, Today we have a customer!”. De Lagonda stond nog in de showroom in Maiden Law, en terwijl een van de mechanics de auto ging halen kon ik met een grote kop dampende koffie me het in een prachtige wachtkamer, die de Revival niet zou hebben misstaan, gemakkelijk maken. De minuten die het duurde om de Lagonda op te halen leken wel uren. Hoe zou de 3 Litre klinken? Zou de staat van de auto niet tegenvallen? En kon ik überhaupt er wel in rijden. Ik had nog nooit iets vooroorlogs gereden, laat staan een rechts gestuurde auto, met rem en gas pedaal qua plaats verwisseld. En oh ja, de bak is ook nog eens compleet ongesynchroniseerd en het patroon gespiegeld. Weldra zou ik het weten.

De aankomst van de Lagonda was even glorieus als vanzelfsprekend. Weinig drama qua geluid, maar des te meer in ‘appearance’. Wat een mooie auto!

Ook de staat viel helemaal niet tegen. Alles zag er netjes en schoon uit. Het bleek een eerlijke auto; de motor gereviseerd, de ‘wings’ gespoten, nieuwe wielen, en de rest in orginele (en dus minder glimmende) toestand. Het bewijs van dit alles zou in het consumeren van de spreekwoordelijke pudding zitten, dus vroeg ik of ik een proefrit kon maken. John antwoorde dat dit uiteraard kon, sterker, ik moest een ritje maken. Het beste kon er eerst naar het benzine station worden gereden want de tank (zo werd met een bezem gemeten) was praktisch leeg. Mark (de mechanic, helaas ben ik zijn naam vergeten) zou mij bij die rit vergezellen.

Het eerste wat me bij het afrijden van het terrein van de Works opviel was het gemak waarmee de Lagonda de oprit afreedt. Bij aankomst had ik met de Healey een fikse deuk in de onderkant van de Healey gereden vanwege de enorme kuilen die samen de oprit vormden. De Lagonda gleed over diezelfde kuilen alsof ze er niet waren. 1-0 voor de Lagonda tegen de Healey. De rit naar boven naar het benzine station in Maiden Law maakte ook meteen duidelijk dat de motor prima trok. Wel had Mark veel moeite met de ‘crash-gearbox’. Hij verzekerde me dat dat normaal was, en ik had ook al het een en ander gelezen over deze beruchte, maar robuuste versnellingsbakken. Misschien dat mijn double clutch oefeningen nu zijn vruchten zouden afwerpen… tot die tijd nam ik maar aan dat het inderdaad een eigenschap van het ontwerp was, en niet van dit exemplaar. Na het tanken was het mijn beurt. Op een rustig punt wisselden we van plaats en werden mij de fijnere details van het rijden uitgelegd; “Just remember to think to accelerate when you want to brake, and that’s all there is to it”. De eerste meters deed ik rustig aan;

- Hand uitsteken als richting aanwijzer, koppeling op laten komen, een beetje gas, iets meer gas, koppeling in, vrij, koppeling op, koppeling in,… euh? Waar is de 2? Ah… en schakelen. Oh, dat is helemaal niet zo moeilijk. Door trekken naar 3, ook geen probleem. Even de remmen proberen; die zijn in orde (sporen prima; niet vanzelfsprekend voor een Lagonda). Ah, nu we dan zo langzaam rijden eens terugschakelen. Tussen gas; no problem – zonder een tand verkeerd te raken! Die bak is wel in orde. -

Na wat rondjes gereden te hebben concludeerde ik dat de Lagonda technisch prima in orde was. Mark’s conclusie was dat ik een geboren Lagonda rijder was, en vanaf dat moment kon ik geen versnelling meer vinden… Gelukkig was de weg terug naar de Howden Works bergafwaards en kon de auto ook worden beproefd in z’n vrij!

Het was duidelijk; dit was de auto waarmee we de 9000 mijl gaan rijden. John verzekerde me dat de 3 Litre ook de beste Lagonda is om zo’n avontuur mee aan te gaan. De 2 Litres waren volgens hem ondergemotoriseerd, terwijl de latere Meadows motoren complexer waren en wat hem betreft minder geschikt. Bovendien kon er aan dit exemplaar weinig stuk gaan en was het duurste onderdeel door hem persoonlijk gereviseerd. Qua prijs was er weinig onderhandelingsruimte; de auto was zoals hij was – eerlijk maar helaas inderdaad niet in oorspronkelijke staat (maar dat maakte volgens hem qua waarde weinig uit; “In England we value originality of our cars differently then on the continent”). De geschiedenis van de auto is bekend (en interessant, maar later daarover meer), en de auto was zoals beloofd. Dus werd er afgesproken dat ik een en ander zou overwegen en bespreken met Jeroen en dat ik de week erop mogelijk een bod zou doen.

Thuis gekomen waren Jeroen en ik het erover eens; dit wordt h’m. Op 24 september deed ik het eerste bod, om op 26 september de aankoop met een ‘final offer’ te beklinken. En we hebben tot op heden nog geen minuut spijt gehad van de koop!



One Response to “De aankoop”

  1. Mattijs Says:

    Ah, heerlijk om het verhaal nog eens helemaal na te lezen. En vooral dat detail van de bezem als peilstok – geweldig!